27e Bataljon Jagers anno 1815

De Napoleontische werkgroep van de VMLH beeldt een centrumcompagnie uit van het Nederlandse 27e Bataljon Jagers. Dit bataljon heeft tijdens de Waterloocampagne in 1815 zowel bij Quatre Bras als bij Waterloo slag geleverd tegen Napoleons troepen, waarbij het zware verliezen heeft geleden.

 

Jagers zijn lichte infanterie. Dit houdt in dat Jagers naast het vechten in gesloten gelederen (linietactieken) bedreven moeten zijn in het verspreide gevecht. Zij gaan aan de hoofdmacht vooruit in tirailleurslinie, tasten de vijandelijk posities en sterkte af, vertragen diens opmars onder het toebrengen van zo veel mogelijk schade, beschermen de flanken van de hoofdmacht en voeren indien nodig vertragende achterhoedegevechten.


Hoewel er een duidelijke naamsovereenkomst is met Jäger zijn Nederlandse Jagers niet goed vergelijkbaar met deze Duitse lichte infanterie. Duitse Jäger zijn meestal bewapend met getrokken geweren (zogenaamde buksen) waardoor ze ook op grotere afstanden als scherpschutters konden optreden. De Nederlandse Jagers hadden gewone gladloopsmusketten. Hoewel de voorschriften duidelijk voorschrijven dat tijdens het verspreide gevecht zorgvuldig gericht gevuurd moest worden, zal dit gezien de aard van de gebruikte wapens niet vreselijk effectief zijn geweest. Van het doelbewust uitschakelen van vijandelijke officieren, vaandeldragers, trompetters en tamboers, waar sommigen wel over praten, zal in de praktijk weinig sprake zijn geweest. Op het tactische vlak zijn Nederlandse Jagers eigenlijk meer te vergelijken met Franse Voltigeurs.


Binnen het verband van de Napoleontische Associatie der Nederlanden werken we veelal samen met andere Nederlandse infanterie eenheden zoals het 7e Bataljon Infanterie van Linie en het 5e Bataljon Nationale Militie in de historische "Brigade Van Bijlandt". Maar daarnaast kiezen we er op internationale evenementen dikwijls voor om samen met andere geallieerde lichte infanterie eenheden grotere lichte infanterie verbanden te vormen.

Onze uniformen en uitrusting zijn conform de voorschriften uit januari 1815. Ook de excercitie- en andere reglementen die wij trachten na te volgen stammen uit deze tijd, waarbij we ons met name oefenen in die vaardigheden die van toepassing zijn op lichte infanterie. Daarbij helpt het dat een aantal van onze leden actief zijn in werkgroepen van andere historische periodes waarin ze vergelijkbare taken vervullen en dus vergelijkingen kunnen trekken en bepaalde zaken kunnen plaatsen in de ontwikkeling door de eeuwen heen.

 

Naast deze militaire uitbeelding kunnen we ook een civiele uitbeelding neerzetten. Dit kan al dan niet in dienst van Sureté zijn, de franse geheime dienst. Dit kan zowel gegoede burgerij als gewone burgers, dan wel een burgermilitie zijn.